Concreet zouden fabrikanten voortaan over een periode van drie jaar worden beoordeeld op hun gemiddelde uitstoot, in plaats van jaarlijks. Dit moet hen in staat stellen om een eventuele overschrijding in het ene jaar te compenseren met betere prestaties in de andere jaren. Tot nu toe was voorzien dat de normen vanaf 2025 op jaarbasis zouden worden toegepast, met geldboetes voor wie ze niet naleeft. Het voorgestelde driejarige middelingssysteem biedt auto- en bestelwagenfabrikanten de noodzakelijke flexibiliteit om de CO2-doelstellingen te halen. Deze aanpak is volgens ACEA met name belangrijk gezien het aanhoudende gebrek aan randvoorwaarden en de impact die dit heeft op een tragere acceptatie van elektrische modellen door consumenten.
Langetermijnstrategie nodig
De versoepelde regelgeving voor CO2-uitstoot is een stap in de goede richting en erkent de complexiteit en de aanhoudende moeilijkheden waarmee de automotive sector op dit moment te maken heeft, zegt Sigrid de Vries, directeur-generaal van ACEA. ‘Hoewel dit fabrikanten op korte termijn de nodige flexibiliteit biedt, hebben we een langetermijnstrategie voor CO2-reductie nodig, met meer laadstations, aankoop- en belastingvoordelen en eerlijkere energieprijzen. Tegelijkertijd moeten we de sector concurrerend houden en de strategische autonomie van de EU op het gebied van kritieke technologieën veiligstellen. We kijken ernaar uit om dit te bespreken tijdens de volgende strategische dialoog met de Europese Commissie.’
Robuust en allesomvattend
De aanstaande herziening van de CO2-regelgeving voor auto's en bestelwagens, zoals voorzien in het Automotive Action Plan van de EU, moet naar het oordeel van ACEA robuust en alomvattend zijn. ‘Directe flexibiliteit alleen is niet voldoende om de transitie weer op de rails te krijgen, en de herziening zal een essentieel onderdeel moeten vormen van een langetermijnstrategie voor CO2-reductie.’

