Bijtellingscategorieën

02-01-2017

Voor het privé-gebruik van een auto van de zaak moet belasting worden betaald.

auto's in stad

Korting
De jaarlijkse bijtelling bij de loon- en inkomstenbelasting (bijtelling LB/IB) van de zakelijke auto die ook privé gebruikt wordt, bedraagt met ingang van 1 januari 2017 22% van de catalogusprijs van de auto. Voor auto's die geen COuitstoten geldt een bijtelling van 4%.

Standaard leaseperiode 
Auto’s houden overigens het bijtellingstarief voor een periode die gelijk is aan de standaard leaseperiode, rekenend vanaf het moment dat de auto voor het eerst op kenteken is gesteld. Het ministerie van Financiën heeft de standaard leaseperiode bepaald op 60 maanden.

Uitstootgrenzen 
Met ingang van 1 januari 2017 gelden de volgende uitstootgrenzen voor benzine- en dieselauto's:

  • 4%: 0 gram CO2 per kilometer
  • 22%: 1 CO2 per kilometer of hoger 

 

Vrijstelling
Er is een vrijstelling van de bijtelling voor zakelijke auto’s die niet meer dan 500 kilometer per jaar privé rijden. Wanneer minder dan 500 km privé wordt gereden en een sluitende rittenadministratie kan worden overlegd, dan bedraagt de bijtelling nihil. Om aan de bijtelling te ontkomen, moet de werknemer zelf aantonen dat er minder dan 500 kilometer privé is gereden in een jaar. Hiervoor moet een sluitende rittenadministratie worden overlegd met:

  • Begin- en eindstand van de kilometerteller per rit
  • Adres van vertrek en bestemming
  • Gereden route wanneer deze afwijkt van de meest gebruikelijke

 

Aard van de rit (zakelijk of privé) 
Om te voorkomen dat de werkgever al maandelijks een inhouding verricht voor de bijtelling, kan de werknemer een ‘verklaring van géén privé-gebruik’ overleggen. Dit ontslaat hem echter niet van de verplichting tot het bijhouden van de rittenadministratie.

Elektrische laadpalen en bijtelling 
Het plaatsen van een laadpaal in of bij de woning van een werknemer met een auto van de zaak wordt geacht deel uit te maken van de terbeschikkingstelling van de auto. De bijtelling wordt hier dus niet hoger door. Dit geldt ook voor een vergoeding voor door de werknemer zelf gemaakte kosten voor het plaatsen van de laadpaal.

Als er geen sprake is van een bijtelling omdat de auto van de zaak aantoonbaar voor niet meer dan 500 privékilometers per jaar wordt gebruikt, wordt ook de laadpaal geacht voor zakelijk gebruik te zijn bedoeld.

Voor de elektriciteitskosten mogen werkgever en werknemer overeenkomen dat de werknemer de feitelijk verbruikte elektriciteit voor de auto van de zaak tegen kostprijs doorlevert aan de werkgever. Ook de kosten van een meter om het feitelijke verbruik te kunnen vaststellen, behoren dan tot die kostprijs. Zo’n overeenkomst levert dan geen belast loon op voor de werknemer. Als een werkgever een laadpaal betaalt voor een eigen auto van de werknemer is de goedkeuring niet van toepassing. In dat geval kan de werkgever niet meer onbelast vergoeden dan 19 eurocent per zakelijke kilometer. De kosten voor de elektriciteit zijn dan inbegrepen in de onbelaste vergoeding.

Ondernemers met een (semi)elektrische auto kunnen de met de oplaadvoorziening samenhangende kosten bij hun winstbepaling in aanmerking nemen. Ook voor hen geldt dat de forfaitaire bijtelling hierdoor niet hoger wordt. 

Bijtelling voor bestelauto’s (grijs kenteken)
De regels voor de bijtelling bij een bestelauto zijn over het algemeen gelijk aan die voor een personenauto. Bij de bestelauto moet men er echter rekening mee houden dat de grondslag voor de bijtelling wordt gevormd door de catalogusprijs inclusief de BTW en de BPM, ondanks dat de BTW doorgaans kan worden afgetrokken en de BPM feitelijk niet verschuldigd is wanneer de auto meer dan bijkomstig wordt gebruikt in het kader van de onderneming.

Gerelateerde dossiers

Contactpersoon