NOx en fijnstofemissies van dieselvoertuigen in praktijk

15-06-2015

Op 4 juni heeft TNO, tijdens de stakeholdersmeeting ‘NOx- en fijnstofemissies van dieselvoertuigen’ twee nieuwe rapporten gepresenteerd.

uitlaat

Jaap Tuinstra, manager duurzaamheid en techniek van RAI Vereniging, was bij deze bijeenkomst in het Haagse Louwman Museum één van de sprekers en deelnemer aan een forumdiscussie.

Ook de gemeente Utrecht, het Longfonds, het Ministerie van IenM en Mercedes Benz deelden hun visie luchtkwaliteit en de oplossing van vervuiling.

Uit de presentatie van het Longfonds blijkt dat vele duizenden mensen last hebben van verontreinigde lucht. Dat loopt uiteen tussen last van de luchtwegen, astma tot levensbedreigende aandoeningen. Dat schone lucht voor iedereen een na te streven doel is, werd in de discussie volledig duidelijk.

In de daaropvolgende discussie werd vooral gesproken over de opgave die de EU heeft om de wetgeving zodanig vorm te geven dat norm en praktijk dichter bij elkaar komen te liggen. Zogenaamd bronbeleid vanuit de EU is veruit de meest effectieve methode om de luchtkwaliteit te verbeteren.

Tevens werd vastgesteld dat, naast verkeer, met name op het gebied van fijnstof, ook andere bronnen bekeken moeten worden. In Nederland zijn nog wel mogelijkheden om in het bestaande wagenpark de meest vervuilende auto’s te verwijderen. De gemeente Utrecht werkt hieraan door middel van haar Milieuzone in de binnenstad.

Besproken rapporten
TNO-2015-R10733 ‘Uitstoot van stikstofoxiden en fijnstof door dieselvoertuigen’
TNO-2015-R10702 ‘Detailed investigations and real-world emission performance of Euro 6 diesel passenger cars’

Het eerste rapport geeft een samenvatting van metingen van personenauto’s, bestelauto’s en vrachtwagens die de afgelopen tijd zijn gepubliceerd.

Het tweede rapport geeft een verslag van de nieuwste metingen die gedaan zijn met een aantal Euro 6-personenauto’s onder verschillende ‘praktijksituaties’. Dit rapport is gebruikt als input voor het eerste, samenvattende rapport.

De belangrijkste conclusies uit het samenvattende rapport:

  1. Euro VI-vrachtwagens (en -bussen) presteren in praktijk goed en hebben lage emissies. Dit geldt zowel voor NOx als voor fijnstof.
  2. Euro 6-dieselpersonenauto’s emitteren in praktijk, dankzij het standaard gemonteerde roetfilter, weinig fijnstof
  3. Euro 6-dieselpersonenauto’s emitteren in praktijk nog steeds wel veel NOx en zijn daarmee volgens TNO niet veel beter dan Euro 4- en 5-diesels
  4. Euro 5-bestelauto’s zijn ook qua fijnstof ‘schoon’, maar (ook) qua NOx niet beter dan hun voorgangers en veel slechter dan eerder gedacht. De emissiefactoren zijn daarom naar boven bijgesteld, wat zorgt voor meer knelpunten in de NSL-berekeningen.

 

Vrachtwagens en bussen presteren goed
TNO stelt dat het emissiecontrolesysteem op vrachtwagens en bussen (EGR, SCR en roetfilter) naar verwachting presteert. De uitstoot van fijnstof en NOx is bijzonder laag, ook tijdens praktijkmetingen. TNO concludeert dat deze technologie, met de juiste wettelijke eisen, in praktijk uitstekend functioneert.

De enige (kleine) uitzondering hierop zijn de Euro VI-distributievrachtwagens en -stadsbussen in stedelijke omgeving. Op sommige trajecten in de binnenstad wordt zo weinig energie geleverd door de motor dat het emissiecontrolesysteem niet warm genoeg blijft om te (blijven) functioneren. Een gewijzigde kalibratie van de motor biedt volgens TNO een oplossing.

Personenauto’s stoten in praktijk meer NOx uit dan verwacht
TNO heeft recent een aantal Euro 6-dieselpersonenauto’s met EGR/SCR-systeem getest. Uit de standaard NEDC-test blijken al deze auto’s te voldoen aan de Euro 6-normen. In praktijk blijken de meeste echter 5-6 keer meer NOx uit te stoten dan de Euro 6-grenswaarde (80 mg/km). Slechts 1 voertuig presteert tijdens de praktijktesten goed (150 mg/km).

Uit een vergelijk tussen de geteste auto’s concludeert TNO dat de combinatie EGR/SCR in praktijk tot lage NOx waarden kan leiden. Maar andere beweegredenen, zoals de beperkte tankinhoud van het AdBlue-systeem en de keuze om de AdBlue alleen tijdens onderhoudsbeurten bij te vullen, zorgen voor een minder effectief systeem in praktijk.

Een en ander brengt TNO tot de conclusie dat grosso modo de Euro 6-dieselpersonenauto’s niet beter presteren dan auto’s van eerdere Euronormen.

Op basis van eerdere metingen met de eerste beschikbare Euro 6-diesels (allen op basis van, uiterst effectieve, Amerikaanse specificaties met een Europese kalibratie) en een latere meting met een aantal, voor de Europese markt ontwikkelde, Euro 6-diesels en deze nieuwste set met metingen, heeft TNO NOX-emissiefactoren voor Euro 6-personenauto’s vastgesteld. Uit deze emissiefactoren blijkt dat Euro 6-diesels (met name in de stad) nog altijd 30% minder NOx uit stoten. TNO twijfelt echter of deze enigszins positieve emissiefactoren naar de toekomst toe wel houdbaar zijn. De huidige getestte voertuigen zijn alle duurdere modellen. TNO twijfelt of goedkopere Euro 6-diesels wel (relatief dure) SCR-technologie zullen krijgen. Deze zijn nog niet voldoende beschikbaar om metingen mee uit te voeren.

Bestelauto’s en NOx
Een zeer gering aantal Euro 5-bestelauto’s is tijdens de praktijkemissietesten gemeten. Euro 6-bestelauto’s zijn nog niet in voldoende mate beschikbaar. TNO omschrijft haar conclusies over bestelauto’s met grote voorzichtigheid, vanwege deze kleine steekproef.

De praktijkemissies van zware Euro 5-bestelwagens liggen een factor 5 à 6 boven de Euro 5-typekeuringsnorm voor NOx. Bestelauto’s zijn hiermee volgens TNO voor NOx een factor 2-3 vervuilender dan zware Euro VI-vrachtwagens. TNO verwacht niet dat Euro 6-bestelauto’s veel beter zullen zijn.

Nieuwe personenauto’s en bestelauto’s stoten in praktijk nauwelijks fijnstof uit
Dankzij het gemonteerde roetfilter is de fijnstofuitstoot uit de uitlaat nagenoeg nihil. Tijdens de rijtesten met een Portable Emission Measurement Systeem (PEMS) bleek de fijnstofemissie onmeetbaar laag. Daarmee is de fijnstofuitstoot van (alle) nieuwe voertuigen onder controle en is de uitstoot van banden en remmen nu dominant.

Conclusie van TNO
EGR/SCR-systemen kunnen in praktijk goed werken. Dat bewijzen Euro VI-vrachtwagens. De Euro VI norm bevat wetgeving voor ‘real driving emissions’ (RDE) en deze blijkt in praktijk effectief te zijn. TNO benadrukt dat ook in de Euro 6 voor personenauto’s en bestelauto’s een RDE-eis noodzakelijk zijn om effectief te kunnen zijn. De laatst details (testcondities, ingangsdata) van deze RDE worden op dit moment in Brussel besproken en moeten (volgens de planning) dit jaar afgerond zijn.

Enkele losse observaties

  • TNO heeft onderzocht hoe de emissies beïnvloed worden door de gehanteerde rijstijl. Hieruit kan voorzichtig geconcludeerd worden dat de NOx-uitstoot bij toepassing van Het Nieuwe Rijden een factor twee lager is dan bij een ‘sportieve rijstijl’.
  • Alle geteste voertuigen zijn door TNO geselecteerd uit het Nederlandse wagenpark. Van deze voertuigen is geen (onderhouds-)historie bekend. Gebrekkig onderhoud of afwijkingen van de fabrieksspecificaties kunnen daarmee invloed hebben op het presteren van het voertuig en kunnen invloed hebben op de conclusies. Zeker in kleine steekproeven, kan de invloed hiervan op de metingen groot zijn. Maar dat doet weinig af aan de conclusies van het onderzoek.
  • Het Ministerie van IenM lijkt deze metingen met name te gebruiken om haar argumenten in Brussel te versterken. Vooralsnog lijken er geen maatregelen genomen te worden om het aandeel diesels in het wagenpark in Nederland verder te beperken. Het is te betreuren dat het Ministerie er in haar begeleidende persbericht niet voor gekozen heeft om ook nadrukkelijk de bereikte resultaten te communiceren. De fijnstofuitstoot is fors afgenomen de afgelopen jaren en verkeer heeft hier duidelijk een groot aandeel in gehad. Uit de praktijkemissietesten blijkt dat dit ook voldoende geborgd is. RAI Vereniging liet dat afgelopen vrijdag ook in haar persreactie weten.

 

Meer informatie: Jaap Tuinstra