Milieuzones, ja of nee?

18-12-2015

RAI Vereniging hecht grote waarde aan het verbeteren van de luchtkwaliteit, wat met nadruk van belang is in stedelijke gebied. Of eigenlijk moeten we zeggen: het verder verbeteren daarvan, want het gaat daarmee helemaal niet slecht. De laatste Monitoringsrapportage NSL laat immers zien dat de lucht in Nederland nog nooit zo schoon was als nu.

milieuzone
Geen lappendeken

Het is wel de vraag of milieuzonering daarvoor het meest aangewezen middel is. RAI Vereniging ziet in elk geval niks in een lappendeken van lokaal ontwikkeld beleid, met uiteenlopende criteria. Zo leidt een grens naar bouwjaren tot rare uitwassen.

Aan auto’s die in technisch opzicht voorop liepen (zoals bepaalde typen Volvo die al heel vroeg werden uitgerust met drieweg-katalysatoren of Mercedes Benz diesels die affabriek waren voorzien van zeer kostbare roetfilters) wordt dan ten onrechte de toegang geweigerd. En ook het omgekeerde kan voorkomen.

Heldere criteria
Voor milieuzonering moeten landelijke criteria gelden, op basis van Euronormering voor de uitstoot van schadelijke stoffen. Daarbij moet een milieuzone ook een effectieve maatregel zijn, waarvoor niet een beter alternatief bestaat.

Voorts zouden gemeenten die over milieuzonering nadenken daarover, bijvoorbeeld in G4-verband, goed moeten afstemmen. Automobilisten mogen in geen geval worden geconfronteerd met lokaal uiteenlopende situaties.

Jong is schoon
Uiteindelijk is het (versneld) verjongen van het wagenpark hét middel bij uitstek voor het verder verbeteren van luchtkwaliteit. Elke nieuwe auto is immers vele malen schoner dan zijn voorgangers.

Ook daarop kan worden gestimuleerd. In de Autobrief bijvoorbeeld is vastgelegd dat meervervuilende diesels een toeslag op de motorrijtuigenbelasting zullen krijgen, wat ervoor zorgt dat bezitters eerder een jonger, schoner exemplaar zullen overwegen.

Monitoringsrapportage NSL