Recall-overleg met RDW

20-09-2016

Op vrijdag 16 september heeft de RDW overlegd met auto- en motorfietsimporteurs over mogelijke verbeteringen in het recallproces.

RDW logo

Er was grote belangstelling: zo’n 25 merken werden vertegenwoordigd door 35 personen en er was een achttal RDW-medewerkers.

Aanleiding
Aanleiding was berichtgeving in de media begin 2016 over grote aantallen auto’s waarbij de recall nog niet uitgevoerd zou zijn. Dat leidde tot vragen (onder meer bij IenM) over hoe dat komt, en hoe het zit met de gevaren en risico’s.

Een deel van de problematiek leek te liggen in het door de importeurs niet snel genoeg afmelden van uitgevoerde recalls bij de RDW.

Resultaat van afstemming tussen IenM, RDW en RAI Vereniging was dat de RDW samen met RAI Vereniging en haar leden nader onderzoek zou doen naar mogelijke verbeteringen in het Nederlandse recall-proces.

Niet slecht
Niet onvermeld mag daarbij blijven dat, ondanks de wat negatieve beeldvorming, Nederland een goede en gedegen procedure heeft. Dankzij het beschikbaar stellen van NAW-gegevens worden al heel hoge percentages gehaald bij het bereiken van eigenaren het uitvoeren van recalls. Veel hoger dan bijvoorbeeld in de VS, waar men geen NAW-systeem heeft en veelal niet verder komt dan 70%.

De RDW heeft ook bij de Europese Unie een presentatie gegeven over het Nederlandse systeem (dat beter is dan in veel andere EU-landen), waarvoor veel waardering was.

Verder verbeteren 
De eerste fase van onderzoek naar verbeteringen heeft plaatsgevonden in de vorm van een bijeenkomst tussen RDW en importeurs waarbij gezamenlijk nagedacht is over hoe en waar het terugroepactieproces verbeterd kan worden, met als doel een zo’n hoog mogelijk percentage herstelde en afgemelde voertuigen.

Na een korte toelichting op de achtergrond en het huidige recallproces is in een zestal werkgroepjes gebrainstormd over mogelijke verbeteringen, rijp en groen. Daarbij werd het proces onderverdeeld in drie aspecten: het meldproces, het informeren van de consument, en het uitvoeren van de recall en het afmelden daarvan. Maar ook andere aspecten kwamen aan bod en de uitkomsten van de werkgroepen zijn met elkaar besproken.

Conclusies
De belangrijkste algemene conclusies zijn:

  • Samenwerking met RDW is goed: flexibel en coöperatief
  • Fabrikanten streven 100% hersteld na
  • Problematiek zit vooral bij recalls voor auto’s ouder dan 4 jaar (bij auto’s van10 – 15 jaar is de respons max 30% na een jaar)
  • De brief aan de consument wordt vaak gezien als ‘reclame’ en weggegooid, waarschuwingen en andere logo’s op de envelop helpen nauwelijks. De boodschap, urgentie, en leesbaarheid van sommige brieven valt nog te verbeteren (maar: concreet zijn en onrust veroorzaken kunnen op gespannen voet staan).
  • Het belang van het uitvoeren van recalls is groot; daarom zou moeten worden gedacht aan een mogelijke koppeling met: de APK, de polisvoorwaarden / premiehoogte van de verzekering, meldingen in ‘mijn overheid’, het moment van verkoop / overschrijving e.d., tellerrapport. 
  • Veel merken zouden het een goede zaak vinden als de RDW automatisch elke maand een ‘recall realisation report’ zou sturen met daarin de stand van zaken. Tevens is er behoefte aan iets van een workshop over hoe en wat ‘open data’ mbt recalls te bewerken is. En voorgesteld wordt dat de RDW eens een analyse doet van bijv. 5 recalls waarbij snel hoge percentages bereikt werden: wat waren daarbij de succesfactoren?
  • Het snel afmelden van uitgevoerde recalls is voor veel importeurs veelal nog lastig; bij slechts een enkel merk is dit geautomatiseerd (obv binnenkomende garantieclaims van dealers e.d.)
  • IenM heeft vooralsnog niet een houding van ‘behulpzaam’ zijn (hulpmiddelen aanreiken, voorlichtingscampagne, APK-onderwerp maken); men ziet het vooral als een probleem van de branche zelf.
  • Leasemaatschappijen zijn een ‘stoorzender’ en risicofactor: zij sturen auto’s niet graag naar de dealer en gaan (blijkbaar) zelf bepalen hoe en wat bij een recall.

 

Vervolg
De RDW zal de op- en aanmerkingen samenvatten en terugmelden. De RDW gaat intern alle input nader analyseren op onder meer haalbaarheid en effect, en ook dat dan aan ons rapporteren.

Meer informatie: Kees Pereboom