Geldboete wegens ernstig letsel 15-jarige stagiair

6 maart 2020

Op 22 maart 2016 heeft een ongeval plaatsgevonden in een loods van een werkgever, tevens erkend leerbedrijf. Een 15-jarige stagiair is tijdens werkzaamheden op een elektronische palletwagen bekneld geraakt tussen de wagen en een muur van de loods.

Als gevolg hiervan heeft de stagiair ernstig lichamelijk letsel opgelopen, deels van blijvende aard. De rechtbank Oost-Brabant legt een geldboete op van € 40.000, waarvan € 20.000 euro voorwaardelijk.

Risico-Inventarisatie en Evaluatie (RI&E)

In de RI&E van de werkgever is geen rekening gehouden met risico’s voor de gezondheid en veiligheid voor jeugdige werknemer zoals stagiairs. Hierdoor is de rechtbank tot het standpunt gekomen dat de werkgever onvoldoende rekenscha heeft gegeven van de veiligheidsrisico’s.

De stagiair was niet bevoegd en/of gecertificeerd voor het besturen van het arbeidsmiddel. Daar komt bij dat de werkgever heeft verzuimd om de stagiair permanent in de gaten te houden. Daarmee is overtreding van de arbeidsomstandighedenwet komen vast te staan.

De rechter oordeelde de werkgever verantwoordelijk en is van mening dat de geldboete, zoals hierboven genoemd, passend is. De rechter weegt daarin mee dat de werkgever het veiligheidsbeleid na het ongeval heeft aangescherpt voor jeugdigen ter voorkoming van nieuwe ongevallen.

Branche RI&E

In de uitspraak komt het belang van een veiligheidsbeleid en een goede toepassing van de RI&E naar voren. Om aan deze wettelijke verplichting te voldoen kunt u gebruikmaken van de door de Inspectie SZW goedgekeurde RI&E branche-instrument. Dit instrument geeft u en uw medewerkers inzicht in de risico’s die er binnen uw bedrijf zijn voor de gezondheid en veiligheid van de werknemers. Als arbeidsomstandigheden binnen uw organisatie veranderen, dan moet ook de RI&E weer aangepast worden.

Verzekering

Tot slot is het te allen tijde te adviseren om bij uw verzekeraar na te gaan of stagiairs binnen uw bedrijf zijn meeverzekerd.

Bron: https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBOBR:2020:412