Nieuwe Richtlijn Consumentenkoop

7 januari 2022

In 2019 zijn er twee nieuwe Europese Richtlijnen opgesteld met een aantal wijzigingen op het gebied van het consumentenrecht, een Richtlijn Consumentenkoop en een Richtlijn Digitale Inhoud. De nieuwe Richtlijn Consumentenkoop heeft betrekking op de verkoop van 'gewone' tastbare, stoffelijke goederen en op tastbare, stoffelijke goederen met 'digitale elementen'.

'Goederen met digitale elementen' worden gedefinieerd als ‘zaken waarin digitale inhoud of digitale diensten zijn verwerkt of die daarmee onderling verbonden zijn op zodanige wijze, dat het ontbreken van de digitale inhoud of die digitale dienst ertoe zou leiden dat de goederen hun functies niet kunnen vervullen'. De Richtlijn Digitale Inhoud ziet toe op overeenkomsten met betrekking tot de levering van digitale inhoud en digitale diensten. 

Ingangsdatum wetgeving
De nieuwe richtlijnen zouden in principe  op 1 januari dit jaar ingaan. De Nederlandse overheid had tot die tijd de gelegenheid om de Europese richtlijnen te implementeren in de Nederlandse wetgeving. Consumenten kunnen namelijk pas een beroep doen op de Europese richtlijnen als ze in de Nederlandse wetgeving zijn geïmplementeerd. Het wetgevingsproces is nog in volle gang, vandaar dat het ook onduidelijk is of de Nederlandse implementatiewetgeving per die datum daadwerkelijk van kracht is. Omdat het hier om Europese wetgeving gaat die bepaalt dat de richtlijnen van toepassing zouden moeten zijn op alle koopovereenkomsten die vanaf 1 januari 2022 worden gesloten, en de mogelijkheden voor de Nederlandse overheid om hier nog wijzigingen in aan te brengen zeer beperkt zijn, informeren wij u aan de hand van een notitie van advocatenkantoor Houthoff over de belangrijkste wijzigingen.

De belangrijkste wijzigingen zijn:

1.  Verplichting tot het verstrekken van updates
De grootste wijziging is de invoering van een verplichting voor verkopers en handelaren om updates te verstrekken. De richtlijnen regelen onder meer dat zowel voor digitale inhoud als digitale diensten, alsmede voor goederen met digitale elementen, consumenten recht krijgen op (beveiligings-)updates zolang zij die (op grond van de overeenkomst) redelijkerwijs mogen verwachten. Het gaat om updates die ervoor zorgen dat het product minimaal blijft functioneren op hetzelfde niveau als ten tijde van de aankoop. Beveiligingsupdates vallen hier expliciet onder. Niet kan worden uitgesloten dat dit eveneens een verplichting met zich meebrengt om bijvoorbeeld navigatiesystemen gedurende een bepaalde periode kosteloos te updaten. Het wordt derhalve straks van belang om in verkoopbrochures e.d. te vermelden wat de consument in dit opzicht kan verwachten.

2.  Wettelijke garantietermijn van 6 naar 12 maanden
In het nieuwe wetsvoorstel wordt de termijn van de wettelijke garantie verlengd van zes maanden naar één jaar na levering. Dit geldt wederom voor zowel goederen (met of zonder digitale elementen), als voor digitale inhoud en -diensten. De wettelijke garantietermijn geldt in beginsel ook voor gebruikte goederen.

3.  Aanpassingen in de omschrijvingen van de commerciële garantie (fabrieksgarantie)
In de tekst van het fabrieksgarantiebewijs moet de consument, explicieter dan voorheen, worden gewezen op het feit dat de fabrieksgarantie een mogelijke beroep op de wettelijke garantie onverlet laat. Het garantiebewijs moet zijn opgesteld in duidelijke en begrijpelijke taal, en dient qua inhoud aan een aantal verplichtingen te voldoen. Een overzicht hiervan vindt u op pagina 8 en 9 van de notitie. Belangrijk om te vermelden is dat de fabrieksgarantie een verbintenis vormt die boven op de wettelijke garantie komt.