‘Nederland moet op fietsgebied meer ambitie tonen’

15-03-2016

De fietsbranche verkocht in 2015 ruim één miljoen fietsen, verschaft aan ruim 3.500 mensen werk en is goed voor een omzet van meer dan 1,5 miljard euro per jaar. Toch zou de overheid de fiets als mobiliteitsoplossing van de 21e eeuw best wat meer mag omarmen, zegt Jaap Merkus, tot eind 2015 voorzitter afdeling Fietsen in het Jaaroverzicht 2015 van RAI Vereniging.

fietsers stad blauwe wolkenlucht

‘De meeste andere landen hebben veel meer ‘dedicated’ fiscale fietsplannen. We moeten voorkomen onze voorsprong als Nederland Fietsland te verliezen. De overheid moet onze unieke fietscultuur koesteren.’

Jaap Merkus, die eind vorig jaar de voorzittershamer heeft overgedragen aan Wouter Jager van de Accell Group, stelt vast dat de markt van elektrische fietsen zich veel positiever ontwikkelt dan verwacht. Werden er in 2014 nog 223.000 e-bikes verkocht, in 2015 ligt dit aantal volgens hem zeker 10 procent hoger. Daarmee gaat het aandeel van de elektrisch ondersteunde fiets al gauw richting de 25 procent.

Veel potentie ziet de afdelingsvoorzitter in de speed pedelec. Dit segment blijft volgens hem sterk groeien en is vooral in trek bij forensen. Eén kanttekening maakt hij wel: ‘de onzekerheid over een eventuele helmplicht voor deze snelle e-bike heeft voorlopig een drukkend effect op dit segment. Om deze categorie verder te kunnen laten groeien is het dus van groot belang op afzienbare termijn alle onduidelijkheden rondom dit dossier weg te nemen.

Speed pedelec-norm
Merkus: ‘wat ons betreft moet er heldere wetgeving komen. Als branche hebben we de verantwoordelijkheid genomen en zijn de uitdaging aan gegaan om zelf met een nieuwe specifieke norm voor de speed pedelec te komen. Uitgangspunt daarbij is dat een berijder van een speed pedelec in de toekomst geen motorfietshelm hoeft te dragen, maar een helm die qua bescherming ligt tussen een fietshelm en een motorfietshelm. Het is de bedoeling om die norm in de loop van 2016 te hebben opgesteld en aan de Nederlandse overheid te presenteren.’

Wet van de remmende voorsprong

Sacha Boedijn, secretaris afdeling Fietsen van RAI Vereniging vindt dat Nederland de voorbeeldfunctie die het in Europa als fietsland inneemt veel meer moet koesteren door fietsen leuk, laagdrempelig en betaalbaar te houden door meer te investeren in goede fietsinfrastructuur, fietsenstallingen en fietssnelwegen. “Wat ik soms mis is het gebrek aan trots voor de eigen fietsindustrie.”

Merkus voegt daar aan toe dat in Nederland sprake is van de wet op de remmende voorsprong. “We liepen altijd wel voorop, maar dreigen nu achterop te raken. Nederland moet op fietsgebied gewoon veel meer ambitie tonen.” Als goed voorbeeld noemt hij de WKR. “De meeste andere EU-lidstaten hebben veel betere en meer dedicated fiscale fietsplannen. Of kijk naar de aanleg van fietsinfrastructuur. Als Londen fietspaden aanlegt zijn die veel beter dan in Nederland.”

Ook als het gaat om Europese wetgeving schikt ons land zich, besluit Merkus, als een schoothondje naar hetgeen Brusselse beleidsmakers opleggen. “Waarom? Onze fietscultuur en fietsindustrie is volstrekt onvergelijkbaar met die van andere landen. Eigenlijk zouden we tegen Brussel moeten kunnen zeggen: uw wetgeving is voor Nederland niet van toepassing, want wij zijn nu eenmaal anders.”