Brandstofkwaliteit en coronacrisis

16 april 2020

In de media verschijnen berichten over de coronacrisis in relatie tot de brandstofkwaliteit. Met deze informatie geven wij daarop graag een nadere toelichting.

Bio-ethanol in Euro 95 E10 benzine

Door de coronacrisis staat de auto meestal wat langer stil. In principe is de houdbaarheid van benzine voldoende om dit voorlopig nog uit te houden. Euro 95 E10 is benzine waarbij tot maximaal 10% bio-ethanol is bijgemengd. Bio-ethanol veroorzaakt minder CO2-uitstoot omdat voor de grondstof waaruit het gemaakt wordt CO2 aan de atmosfeer is onttrokken. Daarmee kan met de CO2-opname de CO2-de uitstoot dus (grotendeels) worden gecompenseerd. Het toevoegen van bio-ethanol heeft als doel om een bijdrage te leveren aan onze klimaatdoelstellingen.

Bio-ethanol is echter wel ‘hygroscopisch’, wat wil zeggen dat deze stof de eigenschap heeft om vocht op te nemen uit de omgeving, bijvoorbeeld uit vochtige lucht. Nu door de coronacrisis auto’s minder rijden en de benzine dus langer in de tank blijft zitten zou dit - als het nog veel langer duurt- voor problemen kunnen zorgen.

Een te hoog watergehalte in de brandstof kan er immers voor zorgen dat de alcohol met het water neerslaat en zich als een water-alcoholmengsel op de bodem van de tank nestelt. Dit mengsel is corrosief voor metalen. Het aandeel brandstof boven dit mengsel verliest onder meer klopvastheid en wordt dan minder geschikt voor gebruik in de motor.

Het langdurig stilstaan van een auto is nooit goed. Door de auto af en toe te gebruiken treedt deze ophoping onder in de tank bij de toepassing van E10 minder op. Het regelmatig gebruiken van de auto heeft ook, net als bij andere auto’s, het voordeel dat bijvoorbeeld de remmen weer even worden gebruikt en de accu weer wordt bijgeladen.

Het spreekt voor zich dat zoals altijd geldt dat het tanken van Euro 95 E10 alleen is toegestaan als de brandstof voor de auto is vrijgegeven. Dit kunt u veelal terugvinden nabij de tankvulopening of in het instructieboekje van de auto. Eventueel kunt u ook de site www.e10check.nl gebruiken. Benader bij twijfel of uw auto geschikt is altijd uw dealer.

Verder kunnen als gevolg van de coronacrisis ook nog andere problemen optreden, waarvoor de Europese fabrikantenorganisatie ACEA een (Engelstalige) position paper (download onderaan deze pagina) heeft geschreven, waarin de volgende zaken worden weergegeven:

Overgang van winter- naar zomerbrandstof uitgesteld

Tankstations moeten normaliter vanaf 1 mei zomer-kwaliteit benzine (met een andere dampspanning) leveren in plaats van de huidige winter-kwaliteit. Dit is wettelijk vastgelegd. Maar vanwege de lage doorzetsnelheid van benzine door de coronacrisis is door de brandstofleveranciers in Nederland aan ILT (de overheidsorganisatie die controleert op brandstofkwaliteit) de vraag voorgelegd of een wat langere overgangsperiode naar zomerbrandstof is toegestaan.

Op de website van brancheorganisatie NOVE lezen we: “Gezien de bijzondere en onvoorziene omstandigheden in Nederland door de uitbraak van het COVID-19 virus en de beperkte milieugevolgen die het langer gebruik van winterbenzine in de maand mei heeft, is aan het verzoek van de branche tegemoet gekomen en als volgt verwoord door ILT: “In de maand mei zal als gebruikelijk door de ILT worden toegezien op de geleverde benzine kwaliteit, met dien verstande dat op de parameter dampspanning niet zal worden gehandhaafd in mei 2020.”

Als autobranche hebben we er alle begrip voor dat de winterbrandstof wat langer door de tankstations wordt geleverd omdat de doorzetsnelheid geringer is. Langs deze weg willen wij u echter wel informeren over het feit dat motoren en de controlesystemen voor de verdampingsemissies ontworpen zijn met als uitgangspunt dat de juiste benzinekwaliteit beschikbaar is wanneer de klant tankt gedurende het gehele jaar.

  • Het gebruik van benzine van winterkwaliteit bij hogere temperaturen kan ertoe leiden dat problemen ondervonden worden, zoals vapour lock, het tot stilstand komen of afslaan van de motor, het niet meer kunnen herstarten en algemene problemen met de motorische rijeigenschappen van het voertuig.
  • Benzine met een hogere vluchtigheid die wordt gebruikt bij hogere temperaturen kan leiden tot verhoogde verdampingsemissies.
  • Systemen ter beheersing van de verdampingsemissies van voertuigen zullen naar verwachting vaker werken dan waarvoor deze gekalibreerd zijn. Als het verdampingssysteem sneller verzadigd raakt en het moet actiever worden dan gekalibreerd, dan kan het boorddiagnosesysteem dit als een fout herkennen en het storingsindicatielampje (MIL) op het voertuigdashboard activeren. Dit zou ertoe kunnen leiden dat de eigenaar een pechhulp inroept of zijn auto naar de reparatiewerkplaats brengt.

In de huidige crisis zijn er aanbevelingen om zoveel mogelijk thuis te blijven en het reizen zoveel mogelijk te beperken, dus de frequentie van dergelijke storingsindicatie-gebeurtenissen kan relatief laag zijn als de omschakeling naar zomerbrandstof op relatief korte termijn plaatsvindt. Echter als de overgang naar zomerbrandstof langer op zich laat wachten en de warmere vroege zomermaanden worden bereikt, dan is de kans dat de problemen zich gaan voordoen wel groter.

Door de noodzaak van een latere overgang naar winterbrandstof te aanvaarden, kan de auto-industrie echter geen verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen van het niet-naleven van de wetgeving die zomerbrandstof verplicht gedurende de periode naar de latere overgang (en zolang de benzine van winterkwaliteit zich nog in brandstoftanks van voertuigen bevindt) of in die gevallen waarin de brandstof wordt gezien als de reden voor de MIL-activering.

Tot slot wijst ACEA er ook nog op dat, als gevolg van het grotendeels stilleggen van de luchtvaart, er een overschot aan vliegtuigbrandstof (kerosine) is ontstaan. ACEA heeft te horen gekregen dat in sommige landen vragen gesteld worden of het mogelijk is om deze vliegtuigbrandstof te vermengen met dieselolie voor het wegtransport. ACEA geeft in haar position paper ook aan wat de risico’s en gevolgen daarvan zullen zijn. Autofabrikanten zijn volledig tegen elke intentie om vliegtuigbrandstof te mengen in brandstof voor het wegvervoer. In Nederland zijn dergelijke ideeën bij ons weten gelukkig nog niet geopperd.


Contactpersoon
Wout Benning
Wout Benning
Beleidsadviseur
+31 20 504 4965